Jan Batman

JAN BATMAN

Dat geheel nieuwe Testament, 1542
Antwerpen

Wie denkt dat Batman een exclusieve naam is voor een fictieve superheld met vleermuis-allures vergist zich. Al in de eerste helft van de 16de eeuw was het de achternaam van een relatief onbekende boekdrukker-uitgever. Jan Batman was tussen 1529 en 1549 in Antwerpen werkzaam. Niet in de eerste plaats als boekdrukker, maar als inkt- en vernismaker. In 1534 ontving hij bij de St.-Lucasgilde het statuut van meester-inktmaker. Ongetwijfeld mocht hij bekende namen in het Antwerpse drukkersmilieu tot zijn clientèle rekenen, zoals Jacob Van Liesvelt, Willem Vorsterman of Michiel Hillen van Hoochstraten. Allen boekdrukkers die zich in de directe omgeving van zijn bedrijf bevonden. Batman had zijn zaak oorspronkelijk in de Sint-Antonisstraat (huidige Sint-Antoniusstraat). Later verhuisde hij naar het centrum van de toenmalige drukkerswijk “In den Rooden Borgh, binnen de Cammerpoort”.

Nieuwe Testament – Jan Batman (1542)

De fondslijst van Batman is kort. Tot op heden zijn slechts drie titels op zijn naam gevonden en het zijn uitsluitend Bijbelse teksten. Twee Latijnse edities van het Nieuwe Testament in 1541 en 1545, en een Nederlandstalige editie uit 1542. Bij een boekdrukker die zo weinig drukwerk geleverd heeft, kunnen vraagtekens worden gezet. Het opzetten van een drukkerij met alle benodigdheden – van drukpers, letterkasten tot papier – was een grote investering en vereiste een aanzienlijk startkapitaal, zelfs al had hij de inkt aan productieprijs. Met een productie van slechts drie uitgaven zou Batman nooit financieel uit de kosten zijn gekomen. Laat staan dat hij als boekdrukker winstgevend zou zijn geweest. Had Batman eigenlijk wel een eigen drukkersatelier? Heeft hij voor de drie bijbeluitgaven misschien een collega-boekdrukker bij de arm genomen en vervolgens zichzelf als de uitgever vermeld? Dit blijft vooralsnog onopgehelderd.

Aanvang Bijbelboek Openbaring van Johannes

Op de titel van zijn Nederlandstalige Nieuwe Testament staat aangekondigd: ‘verciert met schoone figueren, om de[n] lesere te meer die historie inde memorie te prenten’. De uitgave van Batman is met 94 houtsneden tussen de tekst bijzonder fraai van uitvoering. Enkel het boek ‘S. Joannis Openbaringe’ telt al 19 houtgravures, inclusief de prent die het Bijbelboek inleidt. Tussen de illustraties van de Evangeliën zijn ook een aantal kleinere houtsneden geplaatst. Eerder waren dezelfde houtsneden verwerkt in Franse en Latijnse nieuwe testamenten die vanaf 1538 uitgegeven waren door Guilelmus Montanus in Antwerpen. De houtsneden van Batmans bijbeltje waren kopieën hiervan en ze zouden ook later nog door de Antwerpse uitgever Jan van Loe gebruikt worden in diens uitgave van het Nieuwe Testament uit 1545. De vertaalde Bijbeltekst is een nadruk van het Nieuwe Testament van Anthonis van der Haeghen uit 1541, wiens tekst weer te herleiden is tot het NT van Merten de Keyser voor Govaert van der Haeghen uit 1525.

‘Ruiters van de Apocalyps’ (Openb. 6)

In 1546 werd het Nederlandstalige Nieuwe Testament van Batman op de lijst van verboden lectuur gezet. Vanaf 1544 verschenen in West-Europa op verschillende plaatsen indexen of lijsten opgesteld door de theologische faculteiten van gerenommeerde universiteiten. Ze bevatten een lange opsomming van verboden boeken, sommigen tot wel duizend titels. In totaal zijn in de zestiende eeuw 217 edities van complete bijbels of nieuwe testamenten op deze lijst gezet, waaronder 43 Nederlandstalige edities. In de Lage Landen verscheen in juni 1546 een index, opgesteld door de theologische faculteit van de universiteit in Leuven en gesteund door een edict van keizer Karel V. Eerdere verbodsbepalingen hadden weinig effect en hadden de productie van verboden boeken geen halt kunnen toeroepen. Het voorwoord van de Leuvense index wees uitdrukkelijk op het gevaar van bepaalde bijbels in de volkstaal. Hetzij door de toegevoegde commentaren, voorwoorden en registers die de orthodoxe leer ondermijnden of door de invoegingen uit het Grieks in plaats dat zij de kerkelijk goedgekeurde, Latijnse Vulgaattekst volgden. Dit zag men als een bedreiging die gestopt moest worden. En dus ook Batmans Nieuwe Testament werd op de index geplaatst. August den Hollander heeft in 1997 de invloed van de Lutherse tekst aangewezen. Enkel het gedeelte uit de titel ‘Uut die Latijnsce en Griecsche sprake met alder naersticheyt in gemeynen duytschen ouerghesedt’, deed bij gezagsdragers de alarmbelletjes rinkelen. Een vertaling die de Griekse brontekst weergaf of in de kanttekeningen citeerde was in strijd met het Spaansgezinde overheidsbeleid. Batmans Nieuwe Testament geraakte niet door de roomse filter. Ook de Leuvense indices van 1550 en 1558 hebben de Batman-editie van het Nieuwe Testament opgenomen.

Met uitzondering van een Deux-Aesbijbel uit 1584 [*] is er na 1546 in Antwerpen geen reformatorische bijbeluitgave meer gedrukt. De plaatselijke overheid zag erop toe dat de restrictieve wetgeving van de Leuvense index van 1546 secuur en streng nageleefd werd. Jacob van Liesvelt had het jaar daarvoor naar aanleiding van zijn drukkersactiviteiten de doodstraf door onthoofding ondergaan. Dit zal beslist in het drukkersmilieu als afschrikmiddel gewerkt hebben. Een aantal drukkers die de hervorming gesteund hadden, zochten veiliger oorden op waar zij de productie van verboden boeken en bijbeledities konden verderzetten. Bij andere firma’s, zoals bij Maria Ancxt, de weduwe van Jacob van Liesvelt en de weduwe van Hendrik Peetersen van Middelburgh voltrok zich een koerswijziging. Zij leverden enkel nog rechtzinnig drukwerk, waardoor ze niet meer onder verdenking kwamen. Van Jan Batman zijn er na 1545 geen publicaties meer bekend. Waarschijnlijk overleed hij in 1567.

Naast het exemplaar in de Biblia Neerlandica-collectie wordt in België nog één exemplaar bewaard in het Museum Plantin-Moretus te Antwerpen. De overige drie exemplaren die wereldwijd nog te vinden zijn, bevinden zich allemaal in Nederland (VU-Amsterdam, UB-Maastricht, UB-THO-Utrecht).


[*] In 1584 verscheen een Deux-Aesbijbel in folio die gedeeltelijk op naam staat van Jasper Troyens te Antwerpen. Op de titelbladen van de Profeten, het N.T. en de Apocriefe boeken wordt het adres vermeld van Peter Verhaghen te Dordrecht (1583). – Wilco C. Poortman, Bijbel en Prent (1983), Deel I, p. 214.